29 september 1937

Ommen, 29 september.
De brug, die de beide Vechtoevers te Ommen tot voor kort met elkaar verbond, droeg het jaartal 1492. Ze was gesticht door een der leden uit het geslacht dat steeds ten nauwste met het stadje verbonden is geweest: Hessel baron Mulert. Het ligt voor de hand dat een oeververbinding, berekend op het verkeer uit de 15e eeuw, in deze dagen niet meer kon voldoen. Algemeen was men het daar in Ommen, dat behalve een centrum van vreemdelingenverkeer, een knooppunt op den weg van Twente naar het noorden, en Zwolle naar het oosten des lands is geworden over eens, doch de middelen om den toestand te verbeteren ontbraken.

Als redder in den nood is toen het Werkfonds opgetreden. Het gemeentebestuur van Ommen, dat een der eerste was dat bij dit fonds om steun aanklopte, betrok het Werkfonds in zijn belangen, wist ook de provincie en den Rijkswaterstaat, alsmede de Heide-Maatschappij er voor te interesseren, en het resultaat der gezamenlijke bemoeiingen is geweest dat een moderne brug over de Vecht tot stand is gekomen, met aansluitende wegen om het stadje heen.

Deze brug is hedenmiddag, in tegenwoordigheid van allen die er op eenigerlei wijze aan hadden medegewerkt, alsmede onder groote publieke belangstelling, door den Commissaris der Koningin in Overijssel, mr. A.E. baron Van Voorst tot Voorst, officieel voor het verkeer opengesteld. Deze verrichtte deze plechtigheid door een lint door te knippen, nadat de burgemeester van Ommen, de heer C.E.w. Nering Bögel, een overzicht van de totstandkoming der brug had gegeven en zijn dank had betuigd voor de ondervonden medewerking. Namens en uit middelen der burgerij heeft de V.V.V. daarop twee monumentale bruglantaarns aangeboden. Met een gezamenlijke wandeling over de nieuwe brug is de plechtigheid besloten.